Spaans beginners platform

Extra: Uren, dagen, maanden en datums

divisor

Tijdstippen

  • Om naar de tijd te vragen, zeg je ‘’que hora ES?’’ (Hoe laat is het)
  • Maar om antwoord te geven, heb je de meervoudsvorm van SER nodig. Bijvoorbeeld ’’SON las tres’’ (letterlijk vertaald: het ‘’zijn’’ de drie). Er is alleen één tijdstip met een uitzondering…  één uur! Omdat 1 uur enkelvoud is. ‘’ES la una’’ dus.

     

  • Als we minuten toevoegen, gebruiken we ‘’Y’’ (en). ‘’Y cinco, y diez y cuarto y veinte y veinticinco y media’’. 
  • Let wel op met het verschil tussen ‘’cuarto’’ (kwart) en ‘’cuatro’’ (vier)!
  • Als je terug telt, dan gebruiken we het woord ’’menos’’ (minder). 
  • Kwart voor zes is dan ‘’seis menos cuarto’’ (ofwel, zes min een kwartier, letterlijk vertaald).
  • Gebruik ‘’en punto’’ om te benadrukken dat jij geen kwart over vijf of half zes bedoel, maar stipt om vijf uur. ‘’A las cinco en punto!’’

Dagen van de week

Lunes

maandag

Martes

dinsdag

Miércoles

woensdag

Jueves

donderdag

Viernes

vrijdag

Sábado

zaterdag

Domingo

zondag

Als je naar een specifieke dag verwijst, dan gebruik je het mannelijk lidwoord ‘’EL’’. Bijvoorbeeld, ‘’El Lunes viajo a Colombia’’

De maanden

Enero

januari

Febrero

februari

Marzo

maart

Abril

april

Mayo

mei

Junio

juni

Julio

juli

Agosto

augustus

Septiembre

september

Octubre

oktober

Noviembre

november

Diciembre

december

Als je naar een specifieke maand verwijst, dan gebruik je het mannelijk voorzetsel ‘’EN’’. Bijvoorbeeld, ‘’EN Diciembre yo viajo a Argentina’’

Extra oefeningen

Blijf oefenen met deze (externe) oefeningen: