Bien, buen, bueno...

Hoe werkt het?

Bien én Bueno kunnen allebei als ”goed” vertaald worden.

In het Spaans gebruike je BIEN samen met werkwoorden.


BUENO wordt gebruikt met zelfstandige naamwoorden (dingen) te beschrijven (ofwel, als bijvoeglijk naamwoord).

Als je BUENO vóór een mannelijk, enkevaoud zelfstandige naamwoord plaats (auto, telefono, amigo, enz), BUENO wordt dan BUEN

BUENO en BIEN zijn wel verwisselwaar voor bevestiging of acceptatie. Bijvoorbeeld


Je kan BIEN en BUENO ook gebruiken om een zin te beginnen.



BIEN en BUENO met SER en ESTAR

BIEN kan je alleen samen met ESTAR gebruiken.

BUENO wordt meestal met SER gebruikt om iets te zeggen over de ”essentie” van iets of iemand.

– Je kan wel ESTAR samen met BUENO gebruiken om te zeggen dat iets of iemand ”lekker” of ”leuk” is.